Vespri di maestro Willaert
25.02.2012 - h - 28.02.2012
CD opname in het kader van 2012, Adriaen Willaert-jaar.Adriaen Willaert (†1562), Maestro di San Marco a Venezia: Capilla Flamenca in een poëtisch-melancholische en bijzonder weelderige cd-opname.
The Beatles maakten van Liverpool het muzikale centrum in de sixties; in de 16de eeuw maakte Adriaen Willaert Venetië tot het muzikale centrum van Europa!
Adriaen Willaert (ca 1490-1562) | 450 jaar geleden gestorven | 35 jaar Kapelmeester aan de San Marco Basiliek in Venetië | 400 composities: missen, motetten, madrigali, villanesche, chansons, ricercares
Programma
Wat vooraf ging aan Monteverdi ...
Adriaen Willaert (ca 1490-1562): kapelmeester aan de San Marco Basiliek te Venetië en schepper van de eerste dubbelkorige Maria Vespers.
Zonder enige twijfel zal de meesterlijke Vesper van Claudio Monteverdi alle voorgaande Vesperae overtreffen, al was het maar dat de oude en nieuwe stijl (prima e seconda pratica) voor het eerst in onze Westerse kerkmuziek een wonderbaarlijke symbiose zou aangaan, waarin zowel de meest intieme als de meest overweldigende muziek elkaar in perfecte balans aanvullen.
Dat de aanzet van deze meerkorige polyfonie omstreeks 1550 haar wortels vindt bij de Vlaming Adriaen Willaert, schijnt haast iedereen nu te zijn vergeten. Als hij in 1527 wordt aangesteld als kapelmeester aan San Marco had niemand durven vermoeden dat deze basiliek, en tevens haar stad Venetië, op muzikaal vlak in de komende 35 jaar in heel Europa zulk een hoog prestige zou verwerven.
Na een gedegen muzikale opleiding in Vlaanderen reist Willaert al vroeg doorheen Europa en komt in contact met zowel Franse als Italiaanse muziek. Als geen ander weet hij deze stijlen te assimileren en te integreren in de genres van zijn tijd. Dit veelzijdig polyfoon vakmanschap en zijn gevoeligheid om de emotie en de inhoud van de tekst treffend te verklanken, bezorgen hem grote faam bij alle muziekliefhebbers van zijn tijd. In de weelderige dubbelkorige psalmzettingen van 1550, hoort men zijn unieke talent, dat aan de eeuwenoude eenstemmigheid van de Vespergezangen een tot dan toe ongekende pracht verleent en daarenboven gecombineerd met een treffende verklanking van de inhoud.
In contrast met de Vesper van Monteverdi gebruikte men in de San Marco Basiliek voor 1566 geen instrumenten. De weelderige klanken van de trombones en cornetti kregen geen toegang tot deze kerkmuziek. Enkel de knapen, de volwassen zangers en het orgel vulden deze indrukwekkende ruimte met muziek. En in tegenstelling tot de algemene opvatting dat deze 'salmi spezzadi' of meerkorige psalmen werden vertolkt van op de tegenover elkaar liggende orgeltribunes in het koor van de San Marco, heeft recent onderzoek aangetoond dat de zangers op meerdere plaatsen konden staan tijdens het zingen van de Vesper. Dit kon zowel in "medio ecclesiae" zijn als aan het altaar of in de zuidzijde van het koor aan de 'pulpitum magnum cantorum' of aan de noordzijde aan het 'pulpitum novum lectionum'.
De samenstelling van het koor met ongeveer 8 koorknapen en 15 volwassen zangers zongen nooit allemaal samen. Willaert keek erg toe op hun vocale vaardigheden en ook op hun kennis van het contrapunt. Vandaar uit verdeelde hij hen in groepen, wat voor heel wat irritatie en rivaliteit zou zorgen. Zo weten we uit eigentijdse documenten dat er in de San Marco voornamelijk responsoriaal werd gezongen: afwisselend tussen de polyfonie voor de solisten en de rest van het koor ... .



